Start : Bestuur : Lidmaatschap : Jaarboek : Ledenbericht : Contact : Lustrumboek : Links : Nieuws
Lezingen en excursies : Cursussen en workshops : Die Haghe Prijs : Lustrum 2015

Jaarboek 2002

Het Jaarboek 2002 van de Geschiedkundige Vereniging Die Haghe onderscheidt zich dit jaar niet alleen door zijn omvang, die ruimer is dan gebruikelijk. Ditmaal ontbreken ook de uitstapjes naar buurgemeenten – de auteurs van het jaarboek nemen vooral typisch Haagse onderwerpen onder de loep. Daaronder, niet helemaal toevallig, een gedetailleerd en ruim geïllustreerd artikel over het gebouw en de stijlen van de oorspronkelijke inrichting van de Nieuwe of Littéraire Sociëteit De Witte. Auteur is Anne Marion Cense, die eerder heeft meegewerkt aan het jubileumboek van dit eerbiedwaardige gebouw.

Zoals gebruikelijk duikt het Jaarboek eerst in het verre verleden. Ditmaal wordt de oorsprong van Den Haag door J.C. Kort belicht aan de hand van een oorkonde uit 1229, waarin de nazaten van Vrouwe Meilendis de hoeve en 'mannen' en toebehoren overdoen aan graaf Floris IV van Holland. Zijn opvolger zou later op deze plaats het Binnenhof bouwen. Vrouwe Meileindis zou dezelfde kunnen zijn als de Vlaamse jonkvrouw Ylessenda van Belle.

Dat de datering van oude archiefstukken soms een probleem is, blijkt uit een bijdrage van Ronald v.d. Spiegel, die beschrijft hoe een aantal rekeningen van het St. Nicolaasgasthuis een eeuw eerder gedateerd zouden moeten worden. Het Haags Gemeentearchief is enkele vijftiende-eeuwse stukken rijker.

Bij de herdenking van het ontstaan van de eerste international, de VOC, is de rol van Den Haag wat onderbelicht, schrijft Dick Brongers. Op een stadsplattegrond uit 1747 staat aan het Bleijenburg een pand getekend, waarin de 'Haagse Besogne' van de VOC was gehuisvest. Daar vielen veel besluiten die voor de Compagnie van groot belang waren. Het huis is later afgebroken en vervangen door het pand dat nu onderdeel vormt van het complex van de Koninklijke Academie.

Een Haagse drogist, gevestigd aan de Schoolstraat, Sam Jan van den Bergh, wond zich zo'n honderdvijftig jaar geleden op over de plannen voor een standbeeld van Willem de Zwijger in Den Haag. Rob van de Schoor duikt in Van den Berghs correspondentie en poëzie: 'Zie, als in zijn verheven luister Het beeld van hem verrijst op 't Plein…”

Onno Mensink beschrijft de geschiedenis van de verdwenen gebouwen van de musea van het bankiersgeslacht Scheurleer aan de Carnegielaan. Het muziekmuseum van D.F. Scheurleer werd de basis van de muziekafdeling van het Haags Gemeentemuseum. Na het faillissement van zoon C. Lunsingh Scheurleer vond de archeologische collectie voor een groot deel een weg naar het Allard Pierson Museum.

Onderwijsvernieuwer Gerard Jan Ligthart, van 1885 tot 1916 hoofd van de school aan de Tullinghstraat, gaf met zijn medepersoneelsleden het maandblad 'Onder één dak' uit. Acht jaargangen zijn gebundeld, waarvan er zeven in het bezit zijn gekomen van het Haags Gemeentearchief. Ligthartkenner Carl Doeke Eisma doet verslag van de bijzondere inhoud.

In 2002 zijn de Houtrusthallen afgebroken. Marlies van der Riet, coauteur van het herdenkingsboek over het sport- en evenementencomplex, schrijft een in memoriam, waarbij gebruik wordt gemaakt van een plakboekje van een van de bouwers, architect A. van Eck.

Voor de kennis van de laatste oorlogsmaanden in Den Haag is het dagblad Het Vaderland een onontbeerlijke bron. Diederick Cannegieter las de oorlogsberichten, het 'officiële' nieuws, de aankondigingen over voedseluitreikingen, de hoofdartikelen en de advertenties. Naast de verplichte, door de bezetter voorgeschreven en dus ook herkenbare berichten, kon de krant de Hagenaars zijn lezers ook behoorlijk informeren over de ontwikkelingen van de oorlog in de laatste maanden.

Gijs van Herwaarden geeft een overzicht van het ontstaan en de sindsdien georganiseerde, talloze activiteiten van het Haags Historisch Museum, sinds 1995 in samenwerking met Museum de Gevangenpoort.

Het jaarboek eindigt met de gebruikelijke rubrieken: de stand van zaken bij monumentenzorg en archeologie, de overleden Hagenaars, onder wie enkele prominente, de nieuw verworven archieven, nieuwe straatnamen, publicaties over Den Haag en de kroniek van het jaar 2001, waarmee het jaarboek een duidelijke 'link' legt met de actualiteit. Zoals hierboven al gemeld: het jaarboek is omvangrijker dan gebruikelijk. Inclusief enkele advertenties bedraagt het aantal pagina's 359.

   

U kunt een e-mailbericht met vragen of opmerkingen over deze website verzenden aan diehaghe@haagsegeschiedenis.nl